‘Kaliméra, heb je lekker geslapen?’ vraagt Nikos als ik hem uitgeslapen en ontspannen aan de ontbijttafel zie zitten. ‘Gek genoeg wel ja. Deze plek is nu al een zegen voor mijn nachtrust,’ zeg ik lachend. ‘Betekent dit dat je blijft?’ Nikos lijkt in zijn nopjes. Hij denkt vast dat een goede nachtrust een uitermate goede basis is om uit mijn comfortzone te stappen. Ik kijk naar mijn bord met huisgemaakte granola en Griekse yoghurt. Ik durf niet echt toe te geven dat ik bang ben voor wat er tijdens een retraite naar boven gaat komen. ‘Natuurlijk wil ik hier blijven, deze plek is een paradijs, maar ik kan niet zeggen dat ik ernaar verlang met een groep onbekenden op zoek te gaan naar de liefde in mezelf,’ antwoord ik onzeker. ‘Dan heb je besloten. Je blijft. Jij hebt het nodig de liefde in jezelf aan te wakkeren. Dat is het startpunt van het creëren van je ideale leven, omdat je alleen vanuit liefde voor jezelf kunt doen wat echt bij je past,’ zegt hij terwijl hij opstaat en de laatste slok van zijn koffie neemt.
‘Ik ben vandaag de hele dag weg. Jij kunt hier blijven en doen waar je zin in hebt. Christina komt hier straks om het eten voor vanavond voor te bereiden. Ik zal haar vragen een lunch voor je te maken. Aan het eind van de dag haal ik de andere deelnemers op van het vliegveld.’ Met een kus op mijn voorhoofd neemt hij afscheid. Onrustig blijf ik zitten, niet wetend wat ik met deze situatie aan moet. Als ik mijn ontbijt op heb, loop ik naar de keuken om mijn spullen op te ruimen. Omdat ik alle tijd van de wereld heb, begin ik met aandacht onze borden en kopjes af te wassen, daarna droog ik alles af en probeer ik te ontdekken waar alles hoort te staan. Als ik alles heb opgeruimd, zie ik dat er slechts tien minuten verstreken zijn. ‘Dat wordt een lange dag,’ zeg ik hardop tegen mezelf als ik begin met het malen van mijn koffie. ‘Kaliméra,’ hoor ik ineens achter me. Een vrouw met lange, donkere haren die golvend langs haar gezicht vallen kijkt me met stralende blauwe ogen aan. ‘Jij moet Sara zijn,’ zegt ze terwijl ze een grote mand met boodschappen op het aanrecht zet. ‘Dan ben jij Christina.’ Christina is Griekse, dat hoor en zie je meteen. Toch is ze anders dan alle andere Griekse vrouwen die ik tot nu toe ontmoette. Ze heeft iets puurs over zich. Haar schoonheid wordt niet verpest door dikke lagen make-up en grote sieraden. ‘Wil jij me even helpen de boodschappen uit de auto te halen? Nikos vertelde dat je het misschien wel leuk zou vinden me vandaag in de keuken te helpen.’
Natuurlijk denkt ik, Nikos heeft alles georganiseerd. Ik mag blijven en mezelf ontdekken, leren leven vanuit liefde en ik mag ook nog meehelpen in de keuken als ik eigenlijk niet weet wat ik met mezelf aan moet. ‘Dat lijkt me heerlijk, ik was me net aan het afvragen hoe ik deze dag zou gaan vullen.’
‘Zoiets zei Nikos al, hij was bang dat je anders de hele dag zou gaan piekeren over wat er gaat komen deze week.’ Ik weet niets meer te zeggen, maar ben dankbaar voor deze plotseling invulling van mijn dag. Samen dragen we de boodschappen naar binnen en terwijl Christina alles opruimt, maak ik voor ons allebei een kop koffie. ‘Ik weet niet of ik de hele dag zou lopen piekeren, maar het lijkt me wel leuk je te helpen,’ zeg ik als we samen het menu van de dag doornemen.