Global Sisters

"Ik ga op reis..... ga je mee?"
Sara

‘Wat doe jij hier?’ hoor ik ineens achter me. Omdat er niemand in de buurt is, ga ik ervan uit dat het voor mij bedoelt is. Ik kijk om en zie Harold staan, eigenaar van zeilschip de Albatros. Guido en ik kwamen hem vaak onderweg tegen. Terwijl ik hem aankijk, besef ik dat we elkaar nooit echt hebben leren kennen. Hij leek altijd erg op zichzelf te zijn. ‘Dat is een lang verhaal,’ zeg ik met een brok in mijn keel. Ik probeer de opkomende tranen in te houden en mijn sterkste kant te laten zien. ‘Zullen we dan maar ergens wat gaan drinken? Ik wacht op een vriend, maar hij belde net om te zeggen dat hij er voorlopig nog niet is. Dus ik heb alle tijd om naar je verhaal te luisteren,’ zegt hij lachend. 


Zijn vriendelijke ogen maken me rustig, dus ik neem zijn aanbod aan en we lopen naar een klein terras op de hoek van de boulevard. ‘Waar is Guido?’ vraagt hij als we eenmaal zitten. Ondertussen kijkt hij me geïnteresseerd aan alsof ik hem de grootste roddel van het jaar ga vertellen. Al had ik niet verwacht dat hij zich daar überhaubt mee bezig zou houden. ‘Zo voelt het ook wel op dit moment. Alsof iedereen me in de steek heeft gelaten, toch heb ik zelf het besluit genomen om bij Guido weg te gaan en te gaan onderzoeken wie ik zelf ben. De korte versie is dat ik net van een heerlijke plek kom, waar alles voor me geregeld was en nu sta ik hier zonder plan. Ik heb nog niet eens besloten welke kant ik op zal reizen. Ik heb ook niet veel tijd om na te denken, want ik moet op zoek naar werk. Met het beetje geld dat ik deze zomer heb verdiend, houd ik het niet lang vol.’ Ik babbel erop los, alsof ik Harold al jaren ken. Terwijl de waarheid is dat ik hem alleen maar ken uit de verhalen die ik over hem bedacht heb. 


Harold wenkt de ober en bestelt twee cappuccino’s en twee stukken sinaasappeltaart. Dan vertelt hij hoe hij op zijn achttiende een ticket boekte naar Thassoloniki. Hij wilde naar Griekenland en boekte het goedkoopste ticket dat hij kon vinden. Zijn doel was om naar Athene te gaan, maar eenmaal in Thessaloniki besefte hij dat Athene ver weg was. 


‘Ik had weinig geld, maar wel heel veel tijd, dus ik besloot te gaan wandelen en maakt de afspraak met mezelf dat als ik op mijn gevoel zou vertrouwen het altijd goed zou komen, dat ik op wat voor manier dan ook in Athene zou komen. Ik kon wandelen, wildkamperen, eventueel liften. Er waren genoeg mogelijkheden om uiteindelijk in Athene uit te komen.’ ‘Had je dan nooit een plan waar je zou slapen ‘s nachts? Ik kan me niet voorstellen hoe het is om te reizen zonder te weten waar ik de volgende nacht slaap,’ vraag ik gefascineerd.